Van Nationale Helden tot Moordenaars

Anne-Goaitske Breteler –

Stoere jongens, die walvisvaarders. Alleen echte Nederlandse helden durven er op uit te trekken om het grootste zoogdier ter wereld te vangen. Echter, dit is het idee dat in de Nederlandse samenleving van zeventig jaar geleden speelde. Inmiddels is het tij gekeerd. De walvisvaarders die net na de Tweede Wereldoorlog meehielpen aan de wederopbouw van de Nederlandse economie worden anno nu gezien als barbaars, zelfs als moordenaars.

10968658_706799839437415_883318381_o

 

De helden van vandaag zijn de milieuactivisten die tegen walvisvaart protesteren. Dit resulteert in een betekenisverandering van de collectieve mening over de walvisvaart. Ongetwijfeld heeft dit ook weer invloed op de oud-walvisvaarders, maar hun verhaal wordt nooit verteld.

 

 

 

Een korte geschiedenis
Na de Tweede Wereldoorlog was er in Nederland een groot gebrek aan oliën en vetten. De oplossing voor dit tekort aan specifieke levensmiddelen werd gezocht aan de andere kant van de wereld, en gevonden in de walvis. Via Amsterdam, Trinidad en Kaapstad stak men over naar de Poolgebieden, waar op walvissen gejaagd kon worden. In diezelfde periode was er in het Noorden van Friesland een tekort aan banen. Jonge knapen konden slechts tijdelijk werk vinden als timmerman of boerenknecht en dit leverde hen niet veel op. Dus toen de walvisvaart opnieuw werd gelegaliseerd in 1946, bood dit uitkomst aan vele werkzoekende Friese jongens. Met het gevolg dat 330.000 reusachtige schepsels binnen dertig jaar werden verwerkt in margarine, smeerolie, kunstmest, veevoer en schoonheidsproducten. Het succes van de walvisvaart was niet van lange duur. Financieel gezien leverde de walvisvaart de Nederlandse industrie rond 1964 niet genoeg op. De overbevissing leidde bijna tot uitroeiing van de diersoort. Wat deed de walvisvaart met de jonge Friese mannen? Was er tijdens de periode van de Nederlandse walvisvaart sprake van een ‘schuldgevoel’?

10961079_706799812770751_1082355142_o

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Van status naar zonde
Na zeven maanden walvisvaart kwamen de Friese mannen heel wat rijker terug, zeker voor een periode waarin werkeloosheid heerste. Bij thuiskomst stond naast de familie ook een brommerverkoper klaar om de harde werkers te verwelkomen (zie foto). Er werden grote uitgaven gedaan: van drank tot aan een nieuw huis. Binnen de dorpen werd opgekeken naar de mannen die hard hadden gewerkt en daar ook evenredig aan verdienden. ‘Ik hie ieniens in hiel soad nije freonen’ (Ik had ineens heel veel nieuwe vrienden). De walvisvaarders speelden hierop in door hun baarden te laten groeien, zodat ze er nog ‘wilder’ uitzagen.
Tegenwoordig wordt de walvisvaart gezien als iets barbaars en onmenselijks. Dit komt naar voren bijvoorbeeld in het programma Sea Shepherd waarbij gefilmd wordt hoe milieuactivisten Japanners in hun walvisvaart tegenhouden. Deze serie geeft walvisvaarders weer als slechte mensen die geen gevoel hebben voor milieu en dierenleed. Tijdens mijn onderzoek vroeg ik de oud-walvisvaarders of zij last hadden van hun geweten omtrent het slachten van walvissen. De antwoorden waren uiteenlopend, maar verantwoordelijk voelden ze zich niet. Alle vier de mannen werkten aan boord van het verwerkingsschip. Dus de walvissen die aan boord kwamen, waren al gedood. Nauwelijks kwam het voor dat een walvis vlakbij het moederschip werd geharpoeneerd. Een indrukwekkend schouwspel moet het zijn geweest, wanneer deze zeldzaamheid zich voor deed. Drie van de vier geïnterviewde walvisvaarders vertelden me dat ze zo nu en dan medelijden met de walvissen hadden. Toch weerhield deze gedachte de walvisvaarders er niet van om nogmaals mee te gaan op reis.
10968655_706799782770754_2083251284_o

 

 

Ik heb toen maar niet gezegd dat ik ook mee was geweest op walvisvaart

 

Ook wilde ik graag weten hoe de oud-walvisvaarders stonden tegenover de kritische blik die tegenwoordig wordt geworpen op de walvisvaart. Zij beantwoordden deze vraag unaniem met: tegenwoordig leven we in een andere tijd dan vijftig jaar geleden. Er was niemand van de walvisvaarders die er toen over nadacht dat de walvissen misschien ‘op’ zouden raken. Iedereen was bezig met hard werken om veel geld te verdienen.
Bij één oud-walvisvaarder bemerkte ik een vorm van schaamte. Hij vertelde mij over zijn baan als conciërge op een school. Deze baan kreeg hij een paar jaar nadat hij mee was geweest op een walvisvaart. Eens kreeg hij de taak om een poster van Greenpeace op te hangen. Op die poster was afgebeeld hoe een Japans schip een gedode walvis naar binnen sleept. ‘Ik haw doe mar net sein dat ik ek mei west bin op walfiskfeart’ (ik heb toen maar niet gezegd dat ik ook mee was geweest op walvisvaart).

 

10988794_706799779437421_1080815566_o

 

Wat kan het snel veranderen. De nationale helden van de naoorlogse wederopbouw worden beschouwd als moordenaars door milieubewegingen. Op televisie worden in plaats van beelden van de majestueuze Willem Barendsz, gruwelijke shots weergegeven van de Japanners die de walvissen met hun harpoenen schieten. De walvisvaarders zelf lijken er niet zo mee bezig te zijn, maar toch speelt de betekenisverandering van de walvisjacht onderhuids een rol. Zo wordt er niet altijd openlijk gesproken over de periode van walvisvaart. Aangezien ik niet bevooroordeeld was ten opzichte van de walvisjacht, kreeg ik vele verhalen te horen over het leven als walvisvaarder. In mijn gesprekken bemerkte ik dat er dan wel graag gesproken werd over deze tijd. Dan worden de oud-walvisvaarders nog eens herinnerd aan de periode waarin ze veel aanzien hadden en waarin hun werk gewaardeerd werd. Helaas krijgen ze niet vaak de kans om te mijmeren in een nostalgisch verlangen. Tegenwoordig worden deze gedachtes namelijk ruw verstoord door de afschrikwekkende beelden van bloederige walvissen die de milieuactivisten maar wat graag naar voren brengen.

 

10968970_706799829437416_378534062_o

Anne-Goaitske Breteler

"Het narcisme van het kleine verschil." - Freud

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *