Waarom antropologie niet alleen over mensen gaat

Antropologie, de studie van de mens. De betekenis van de woorden ánthrōpos (mens) en lógos (studie) kan worden herleid uit het Grieks. De mensheid is dan ook het studieobject waar antropologie zich van oudsher op richt. We lijken echter een tijdperk te betreden dat vraagt om een radicale hervorming van wat het betekent om mens te zijn. Het Antropoceen is een periode waarin de mens de grootste impact heeft op de natuur en die hierop volgende klimaatverandering. Hierbij staat de mens in direct contact met natuurlijke processen, dieren, planten en andere levende wezens. Om de menselijke impact op de natuur in deze verweven wereld te kunnen begrijpen, zouden antropologen zich moeten richten op deze interacties die niet alleen tussen mensen plaatsvinden. Maar hoe en waarom zou antropologie zijn basis – anthropos – kunnen overstijgen om deze ‘multispecies’-relaties te begrijpen? En op welke manier kunnen wij verder kijken dan menselijke taal, het kenmerk wat ons denken en begrijpen van de wereld construeert?

Tekst // Fien Lindelauff

Cultureel antropologen hebben tot voor kort het onderscheidend vermogen van de mens als vanzelfsprekend beschouwd en daarom zich gericht op het onderzoeken van cultuur, taal, geschiedenis en samenlevingen, eigenschappen die onderscheidend lijken voor onze diersoort. Als gevolg hiervan richt de specialisatie zich slechts op de mens geconstrueerde wereld en lijkt hierbij niet in staat om te ontdekken hoe de mens in feite altijd in contact staat met een bredere wereld van leven en hoe dit ons ‘mens-zijn’ beïnvloed.

Ondanks dat de natuur in feite al eeuwen bestudeerd wordt door cultureel antropologen, wordt deze altijd bestudeerd in menselijke context. Natuur lijkt hier altijd als object gezien te worden, en bestudeerd als gebruiksvoorwerp, materiaal of symbolische constructie. Zo werden dieren beschouwd als ‘goed om overna te denken’ zoals te vinden in het werk van Levi-Strauss, of ‘goed om op te eten’, zoals te zien bij Marvin Harris. Hierbij wordt aan geen enkel ding agency of socialiteit toegekend.

Het Antropoceen

Het tijdperk waarin we nu leven wordt ook wel het Antropoceen genoemd. Dit wordt omschreven als de periode waarbij de menselijke impact op het de ecosystemen van de aarde groter is dan ooit te voren. Dit betekent ook dat natuurlijke processen niet meer los gezien kunnen worden van menselijk handelen en de gevolgen hier van. Omdat deze impact drastische gevolgen kan hebben voor het milieu, vraagt dit tijdperk voor een herindeling van de wereld waar de mens niet meer centraal wordt gesteld. Zo stelt antropologe Anna Tsing dat als we daadwerkelijk willen leren van klimaatverandering, we eerst moeten begrijpen hoe andere diersoorten in verband staan met natuurlijke processen. Zo wordt de wereld vorm gegeven door interacties tussen alle levende vormen, waar de mens, net als andere diersoorten, een rol in speelt. Om deze ‘levende wereld’ te kunnen begrijpen en de rol van de mens hierin, lijken de sociale wetenschappen zich te moeten verbreden tot de natuurlijke wereld waar de mens mee in contact staat.

Een ‘multispecies’ ge-evalueerde wereld

Zo lijkt het kort door de bocht om te denken dat wij slechts in een door mensen geconstrueerde wereld leven. De mens wordt beïnvloed door de natuur om zich heen, en vice versa. Ook menselijke evolutie kan worden gezien als een multispecies proces, waarbij mensen en andere levende wezens altijd met elkaar in verband staan. Volgens Donna Haraway zijn dieren ‘om mee samen te leven’ in plaats van ‘om op te eten’ of om ‘overna te denken’. Zo stelt zij dat onze lichamen voornamelijk bestaan uit cellen gevormd door andere levende wezens: fungi, bacteriën en virussen die onze cellen construeren en met ons mee-evalueren. Slecht in tien procent van onze cellen zijn exclusief menselijke genomen te vinden. Daarnaast noemt zij de relatie met onze dichtstbijzijnde vriend, de hond. Omdat honden al zo’n 30 000 jaar deel uit maken van het menselijke leven, en de mens van het leven van de hond, kunnen deze twee soorten niet los van elkaar gezien worden.

Daarnaast laat Menno Schilthuizen in zijn boek ‘Evolutie in de stad’ zien hoe het stadsleven de evolutie van verschillende diersoorten beïnvloed. Volgens hem vindt de evolutie van stadsdieren- en planten binnen een veel snellere tijdsspanne plaats dan die van dieren buiten de stad. Om deze reden kunnen we de menselijke invloed van de stad direct terugzien in de natuur: namelijk in de evolutie van de dieren om ons een. Zo maken stadsduiven bepaalde ‘detoxveren’ aan om zware metalen uit de stad voor hen onschadelijk te maken en zijn de ‘parachutezaden’ van een paardenbloem zo aangepast zodat ze het dichtste bij hun ‘ouder-paardenbloem’ vallen, waar in elk geval aarde te vinden is in een bebouwde stad. Schilthuizen laat ons zien dat zelfs de menselijke wereld van de stad, in feite een ‘multispecies’-wereld is, waarin alles met elkaar in verband staat.

Antropologie voorbij de mens

Maar hoe kan antropologie zich als mensgerichte specialisatie verbreden tot interacties met levensvormen die verder rijken dan slechts die tussen homo sapiens? En hoe kunnen wij hierbij onze menselijke taal aan de kant schuiven om andere communicatiesystemen te begrijpen?

Antropoloog Eduardo Kohn gaat op zoek naar een ‘antropologie voorbij de mens’ in zijn boek “How Forests Think”. In zijn veldwerk bij de Runa, een inheems volk in het Amazonegebied, richtte Kohn zich niet slechts op hoe de mens betekenis aan de wereld geeft, maar ook hoe andere organismen naar de mens kijken. Volgens hem gebruikt culturele antropologie exclusieve menselijke attributen om de mens te bestuderen. Als gevolg van deze mensgerichte onderzoeksmethoden zijn we niet in staat om ons te richten op de bredere levenswereld waarmee we in contact staan.Om te kunnen begrijpen hoe wij samenleven met andere levende wezens – zoals planten, bomen en dieren – moeten wij ons richten op een methodologie die zich niet slechts richt op een menselijke representatie van het dier maar op de kenmerken die wij delen als levende wezens.

Semiotiek

Om de relaties tussen mensen en de levende wereld te kunnen bestuderen, maakt Kohn gebruikt van semiotiek. Filosoof Charles Peirce stelde in 1860 een theorie op waarin hij de basis van communicatie uiteenzet. Volgens Peirce bestaat deze basis uit het produceren van en het reageren op tekens, waar een relatie uit voortkomt. Er bestaan daarnaast drie verschillende soorten tekens, een index, een icoon en een symbool. Een index kan gezien worden als een teken dat gelijkenis deelt met wat er gerepresenteerd wordt, een icoon als een teken die fysieke relatie deelt met datgene wat gerepresenteerd wordt, en een symbool kan omschreven worden als een willekeurige relatie die afgesproken wordt. Mensen zijn de enige diersoorten die gebruik maken van symbolische tekens, waar uiteindelijk onze menselijke taal op gebaseerd is.

Neuro-antropoloog Terence Deacon stelt echter dat wij naast symboliek, de andere semiotische aspecten wél met andere diersoorten delen. Zo stelt hij dat ‘leven’ in zijn algemene vorm een product is van tekens en dat elk levend wezen hier gebruik van maakt. Om deze reden moeten we volgens Deacon niet vanuit ons eigen referentiekader van taal naar andere communicatiesystemen kijken, omdat dit een ‘eindpunt’ in evolutie suggereert. Integendeel, menselijke taal heeft slechts een andere weg in geslagen dan het communicatiesysteem van een boom. In de basis delen wij echter hetzelfde: het gebruik van tekens.

Kohn past deze theorie van semiotiek dan ook toe op de niet-menselijke wereld: ook wel bio-semiotiek genoemd. Als voorbeeld van een ‘iconisch’ teken in de natuur noemt hij  de slurf van een miereneter. De slurf deelt als het ware een gelijkenis met de ingang van een mierenhoop waar de slurf in reactie op geëvalueerd is. Op deze manier kan de slurf gezien worden als een representatie van de mierenhoop, en dus een teken. Als voorbeeld voor een index noemt hij hoe een aapje reageert op een boom die wordt omgehakt: deze actie wordt door het aapje geïnterpreteerd als ‘gevaar’ en maakt zich uit de voeten. Dit kan dus worden gezien als een indexicale relatie waarop gereageerd wordt.

Het belang van het herkennen van overeenkomsten tussen communicatiesystemen van verschillende levende wezens, is dat dit ons in staat stelt om basale manieren van interactie met andere levensvormen te onderzoeken. De relatie die er wordt aangegaan bij het interpreteren van een teken gaat dus niet zozeer over de specifieke betekenis van een teken, maar eerder over het feit dat er een relatie bestaat waar op gereageerd wordt. Het gebruik van semiotiek lijkt hierbij een brug te slaan naar andere levende wezens waarbij we ons niet op exceptioneel menselijke attributen hoeven te richten. Deze benaderingswijze is volgens Kohn van belang om manier van antropologie te ontwikkelen die geen radicaal onderscheid maakt tussen mensen en niet-mensen.

Deze theorie stelt echter niet dat er geen verschillen bestaan tussen menselijke taal en andere communicatie systemen, of dat mensen op één lijn gezet kunnen worden met andere diersoorten. Het doel is echter om een basis te leggen voor een theorie waarmee wij de interacties tussen verschillende levensvormen zouden kunnen begrijpen. Hiermee kan antropologie voorbij de mens rijken en zich zo richten op een wereld die verweven is met de natuur om ons heen. Zo kunnen we deze bio-semiotiek niet alleen terugzien in de dagelijkse communicatie met onze hond, maar ook in de versnelde evolutie van stadsdieren.

Deze nieuwe vorm van antropologie lijkt nodig in een tijdperk waarin verschillende levensvormen constant met elkaar in contact staan, en mede door de problematiek van klimaatverandering is een radicale verandering van de mens noodzakelijk.

 

Eén gedachte over “Waarom antropologie niet alleen over mensen gaat

  • 10 februari 2019 om 18:54
    Permalink

    Antropologie op zijn best: met een open blik’ verbanden leggen die de grenzen van disciplines, methodes en zelfs soorten overstijgt.
    En waarbij je niet meteen precies weet hoe het moet of waar het toe leidt – dat zouden ze bij meer wetenschap(pen) moeten doen…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.