Tête à Tet /// Twee vrouwelijke perspectieven uit een verdeelde wereld

Peer van Tetterode –

Het zal u niet ontgaan zijn. Deze zondag (de 9e) is het welgeteld 25 jaar geleden dat de de Berlijnse muur viel. Die muur die er stond sinds 1961. Je hoeft maar de krant open te slaan en je wordt helemaal doodgegooid met beelden van de Wende. In het Parool worden Duitse jongens en meisjes geïnterviewd die precies op die dag geboren zijn. De Mokumse Germanisten worden in deze Amsterdamse krant mooi in het zonnetje gezet. Het is natuurlijk ook wel heel interessant om te weten waar al die mensen tijdens die befaamde seconden mee bezig waren. Zo lag de directrice van het Goethe-instituut op bed en moest ze huilen. Ikzelf was nog niet geboren, maar als ik geïnterviewd werd zou ik wellicht uitweiden over het smeren van een emotioneel broodje pindakaas (dit deed ik op 9/11 immers). Nee, maar waar het natuurlijk om gaat is dat er met het neerhalen van wat blokjes gewapend beton een einde kwam aan een periode die diep in het geheugen zit gegriefd van mensen die het meegemaakt hebben. Maar wat voor wereld splitte deze muur in twee? Onlangs kwamen twee vrouwen op mijn pad die op een hele realistische manier portretteerden hoe het was in die tijd om aan hun kant van de wereld te leven.

2014-11-09 09.40.42Op het moment is er een expositie in het FOAM over Vivian Maier. Vivian Maier was een Amerikaanse gouvernante die een obsessie had voor fotografie. Pas na haar dood zijn haar foto’s ontdekt in een archief. Ze fotografeerde het meest op straat in de jaren ’50 en ’60 te Chicago en New York. Wat opvalt aan de foto’s is dat elk portret dat ze van de persoon in kwestie heeft genomen een hele duidelijke gelaatsuitdrukking vertoont. Glashelder. Het is alsof ze de personen die de stad maken begrijpt. Een van de meest indringende foto’s vond ik een jong Afro Amerikaans meisje in een achterstandswijk die huilend in de camera kijkt. Ze geeft zonder dat ze het weet een levendige inkijk in het Amerika van haar tijd. Ook een Justin Bieber-achtig mooiboy jongetje valt op.

In het boek Under a Cruel Star: A Life in Prague 1941-1968 beschrijft de Tsjechische Heda Margolius Kovály hoe het was om te leven in Praag onder het communistisch regime. Ze beschrijft de constante angst die op de achtergrond speelt en die groeit met als gevolg de voorzichtigheid en onverschilligheid die mensen op straat uitstralen. Nadat ze in de oorlog Auschwitz is ontvlucht gaat ze wonen met haar man Rudolf die een hoge partijfunctionaris wordt. Rudolf wordt verdacht van spionage… met als gevolg dat Heda’s leven weer op z’n kop staat. Bittere beelden en scènes volgen. Het boek loopt tot en met de Praagse lente in 1968. Heda hoopt dat door deze massale beweging eindelijk de idealen van vrijheid en gelijkheid en een gematigd communisme die haar man zo koesterde worden gerealiseerd. Maar langzaamaan wordt het zomer. Heda vlucht naar Amerika waar ze vertaalster wordt en haar boek schrijft.

Beide vrouwen zijn als het ware herboren, de een als erkend fotograaf en de ander als vertaalster en schrijfster, om ons een perspectief mee te geven. En dat is heel goed nieuws.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *