Hapje van een ander? Dat mag!

In 2011 veroorzaakten presentatoren Valerio Zeno en Dennis Storm wereldwijd grote ophef door in het programma Proefkonijnen een stukje van elkaar op te peuzelen. De Engelse krant The Sun kopte: ‘Live cannibal stunt on Dutch TV’. Men ging ervan uit dat ze vervolgd zouden worden, maar dat gebeurde niet. Er is in Nederland namelijk helemaal geen wet tegen kannibalisme. Waarom voelt het eten van mensenvlees voor velen onnatuurlijk, maar is de wet hier niet op aangepast?

Tekst // Lise van der Veer
Beeld // Robin Stark

Toen de presentatoren Valerio Zeno en Dennis Storm een hapje van elkaar wilden proeven om erachter te komen hoe mensenvlees smaakt, was de hele wereld in rep en roer. Naast de Britse kop, schreven ook Spaanse en Ierse websites erover. In Amerika werd er door ABC News zelfs een heel item op het journaal aan gewijd. Er bleek in Nederland echter helemaal geen wet tegen kannibalisme te bestaan, wat direct voor Kamervragen zorgde. Beide presentatoren stemden in met het eten van elkaars vlees, waardoor het openbaar ministerie uiteindelijk geen reden zag om ze te vervolgen. Omdat bij het verkrijgen van mensenvlees vaak al sprake is van andere strafbare feiten, is er geen behoefte aan een wet tegen kannibalisme.

De oorsprong

Volgens de Van Dale is kannibalisme het opeten van mensenvlees door mensen, maar dit principe geldt ook voor andere diersoorten. De term kwam voor het eerst voor in 1492 in een scheepsjournaal van Columbus en is waarschijnlijk ontleend aan het Spaans. Het zou een verbastering zijn van het woord caribal, een bewoner van de Cariben aan wie kannibalistische gewoonten werden toegeschreven. In die tijd veronderstelde men in de westerse wereld dat dergelijke gebruiken in Europa niet bestonden; de bevolking zou te beschaafd zijn. In 1913 beschreef Freud in zijn boek Totem en Taboe twee universele taboes: incest en kannibalisme. Dat dit als twee universele taboes worden gezien, kan biologisch verklaard worden. Bij incest is er een grotere kans op kinderen met een mentale stoornis of een ziekte. Aan kannibalisme zit het nadeel dat ziektes vaak soort-specifiek zijn. Wanneer iemand een medemens met een ziekte opeet, is de kans groot dat de kannibaal dezelfde ziekte krijgt. In Papoea-Nieuw-Guinea zorgde dit in de jaren 60 bijna voor de ondergang van de Fore. Binnen deze stam aten de vrouwen en kinderen de hersenen van overleden mannen. Zo zouden ze de krachten van deze mannen in zich op kunnen nemen. Het eten van deze hersenen tastte hun eigen hersenen aan en leidde tot de ziekte die ‘Kuru’ werd genoemd. Veel mensen binnen de stam stierven. Ook al is het bewezen ongezond, bij dieren komt kannibalisme wel veel voor. De afkeer tegen kannibalisme is dus specifiek voor de mens. De culturele argumenten, zoals de toegeschreven barbaarsheid, wegen zwaarder dan de biologische.

Overlevingsdrang

Kannibalisme kun je in verschillende soorten en types onderscheiden. Zo bestaat er naast het ritueelkannibalisme, zoals bij de Fore, ook overlevingskannibalisme. Dit soort kannibalisme wordt tegenwoordig tot op zekere hoogte in bepaalde omstandigheden nog steeds geaccepteerd. Het gaat hier om het eten van menselijk vlees als middel om te overleven. Dit komt vaak voor bij dieren, maar bij mensen alleen in extreme situaties. Zo was het bij schipbreuken tot 1884 een ongeschreven zeewet dat zeelieden medeopvarenden mochten doden en opeten om te overleven. Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog werd door de gevangenen in concentratiekampen het vlees van de lijken gesneden en opgegeten, omdat de Duitsers de bevoorrading van de kampen hadden stopgezet. Het eten van de omgekomenen was de enige manier om te overleven. Maar ook later nog, bij een vliegtuigramp in de Andes in 1972, hebben de overlevenden het enkel gered door mensenvlees te eten.

Magische krachten

Kannibalisme kun je daarnaast ook nog onderverdelen in exo- en endo-kannibalisme. Een voorbeeld van exo-kannibalisme is het naar binnen werken van een vijand om andere vijanden af te schrikken. Zo zullen anderen van buiten de groep de desbetreffende groep niet lastigvallen. Een recenter voorbeeld komt uit Burundi waar aan albino’s magische krachten worden toegeschreven. De ledematen
kunnen voor wel duizenden dollars verhandeld worden om zogenaamde dokters er ‘toverdranken’ van te laten maken. Via deze drankjes zouden de vermeende magische krachten op de gebruikers overgaan. Om deze reden werd in 2008 nog een albinomeisje van zes jaar vermoord. Tegenover exo-kannibalisme staat endo-kannibalisme, wat inhoudt dat iemand binnen de eigen groep wordt opgegeten. Dit gebeurde bijvoorbeeld bij stammen in de Amazone. Zij namen hun eigen overleden familie tot zich om de geest van de overledene bij zich te houden.

De ontwikkelingsladder

De eerste Europese ontdekkingsreizigers schreven veel over kannibalisme in de nieuwe wereld. Mensen zullen niet snel soortgenoten opeten als er genoeg andere middelen voorhanden zijn om te overleven. Hun overlevingsinstinct voorkomt het consumeren van mensenvlees om de soort niet in gevaar te brengen. Europeanen waren van mening dat alleen in barbaarse culturen kannibalisme geaccepteerd kon zijn. In een beschaafde wereld zouden deze mensen namelijk inzien dat hun gewoonte om soortgenoten op het menu te zetten een volk snel zou doen verdwijnen. De opkomst van het christendom bracht nog meer redenen om kannibalisme als een barbaarse gewoonte te zien. Zo had God de aarde voor de mens geschapen, en alles op de aarde stond in dienst van deze mens. Dat maakte het zondig om mensen te eten, want in de hiërarchie van alle levende wezens stonden zij bovenaan. Voor de christenen was het ook van belang het lichaam intact te houden, want volgens de Bijbel was niet alleen de geest, maar had ook het lichaam van waarde. Door te leven naar deze idealen was het mogelijk om culturen waar kannibalisme wel voorkwam, lager op de ontwikkelingsladder te plaatsen. Deze barbaren hoefden niet als gelijken behandeld te worden, omdat ze onderontwikkeld waren. De beschrijvingen van Columbus over de Caribs hebben er zelfs voor gezorgd dat in 1503 de Spaanse koningin Isabella verkondigde dat elke ‘goddeloze menseneter’ direct tot slaaf gemaakt mocht worden. En zo geschiedde. In vrijwel iedere Spaanse kolonie werd de gehele inheemse bevolking tot slavernij gedwongen.

Tot op heden zitten christelijke ideeën nog diep in onze westerse cultuur geworteld en blijft het taboe op kannibalisme gecultiveerd. Toch bestaat er in Nederland en in veel andere landen geen wet voor. Of het nu gaat om een morele kwestie of om logische redenen, het blijft een slecht idee om je buren op te eten. Je hebt elkaar tenslotte nodig. Mocht je toch zin hebben in een hapje medemens, houd dan in gedachten dat het hartstikke ongezond is en dat het vrij lastig is om mensenvlees op een legale manier bij de slager te bestellen. Blijf dus gewoon lekker van elkaar af.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *