Cultuur met een kleine k /// Gent

Chris Hellwig –

Kerst in Gent. Het is een dorp omdat alle winkels op kerstavond al sluiten en een stad omdat ze zich hier wel voor excuseren. Hier zit ik dan, in de kerstvakantie, uit een antropologische workaholisme. Of gewoon, iets anders.

De kerk van Sint Michel die ik vandaag passeerde was een mooie organische stenenhoop, en mijn atheïstische zelf besloot een kijkje te nemen om te zien hoe the other half lives. Binnen gold hetzelfde voor de georganiseerde stenenhoop, met wat lood in glas, en overzicht onder stoelen en banken. Maar toen ik stilstond en rondkeek, zag ik de kaarsjes flakkeren en hoorde de hoge tonen galmen van vorige momenten. Ik overtuigde mezelf van een goddelijke aanwezigheid. Het ontzag en de eerbied voor het ‘groter dan ikzelf’ vulde mijn geest. Dit gevoel proberen kerkgangers kansloos te overwinnen zoals een pianiste een piano probeert te beheersen.

Dit is de agency van materie. Een voor mij ongrijpbaar moeilijk idee, maar het voorbeeld van Oskar (Verkaaik) luidt als volgt: wie heeft er meer macht, de soldaat mét of de soldaat zonder mitrailleur? Juist, die agency dus. Het gevoel dat dingen uitstralen, wat in dit geval meestal wordt uitgelegd als goddelijk. Je zou ook kunnen zeggen dat dit gevoel een projectie van de ideeën van mensen is maar ik heb nooit eerder in god geloofd en doe dat nog steeds niet. Ook heb ik in een kerk nog nooit méér dan slechts ontwerp en functie gezien, met tot op een zeker hoogte esthetische waarde. Dit keer was het anders, misschien was het de eenzaamheid van mijn solotrip die zocht naar een connectie op een plek waar deze doorgaans wordt gevonden. Anderzijds is er door de jaren heen zo veel betekenis in de muren van Sint Pieter gepompt dat het zo waar een beetje aan mij kleefde.

Deze projectie van ideeën, het gevoel dat er iets bestaat dat groter dan wij is, kan je zoals alles ook aan Benedict Anderson koppelen. Hij schrijft over het communale gevoel dat mensen kunnen hebben met mensen die ze nooit hebben ontmoet. Dit gevoel creëert een natie, groter en complexer dan voor te stellen, met een verleden en een toekomst. Anderson beschrijft de nederigheid die dit voortbrengt aan de hand het Vietnam monument in Washington, in het interview met Anil Ramdas (in mijn vaders huis 1994). Het verleden, dus alle soldaten die hebben gevochten voor het behoud van de natie, is voor de kerk het communale gevoel met medegelovigen.

Voor Anderson is religie een oudere vorm van nationalisme en afnemend, voor mij is het iets nieuws. Wie weet is het de agency van materie, of de groepsvorming van Anderson in mijn hoofd. Ik vond onverwacht meer in de kerk dan ik verwachte, en dat op kerstavond hè.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *